Ik ben  een boek aan het lezen over verschillen tussen mannen en vrouwen. Het is geen gemakkelijk boek, maar erg verhelderend. Een deel van dat boek gaat over ernstige dingen die soms gebeuren. Zoals het verliezen van een kind, het ergste wat men kan meemaken.

Vluchten en/of vechten

Je ziet vaak dat mannen dan vluchten in hun werk. Vrouwen die daar niks van begrijpen. Soms blijven ze samen nog vechten (en dat geeft wellicht nog wat eenheid) tegen een gezamenlijke vijand door de schuldige te zoeken. De arts die een fout gemaakt heeft, de chauffeur die hun kind overreden heeft, of wie dan ook verder maar aangemerkt kan worden als “dader” of “schuldige”.

Doorwerken van verdriet

Maar als die vechtfase voorbij is dan komt het verdriet, waarbij mannen geneigd zijn om heel hard te gaan werken (niet alle mannen, maar de meesten wel). Vrouwen zijn geneigd om met hun verdriet “aan het werk” te gaan, alsmaar praten over het verlies, huilen, de begraafplaats bezoeken, kaarsjes branden bij een foto.

Onbegrip

Je ziet dat groot verdriet nogal eens leidt tot een scheiding, terwijl je juist zou denken dat het verdriet hen verbindt. Want hoe dan ook: ze hebben allebei verdriet. Maar de scheiding zit vaak in elkaar niet kunnen begrijpen. De man zegt: mijn vrouw blijft maar praten over ons kind, dat maakt haar verdrietig, dat is niet goed voor haar. De vrouw zegt: hij vlucht in zijn werk, hij kan niet rouwen. Dat is slecht voor hem.

Evenwicht

Allebei hebben ze gelijk: het is niet goed voor hem om geen aandacht aan zijn verdriet te besteden, en het is niet goed om alleen maar thuis te blijven zitten rouwen. Door hormoonverschillen (en natuurlijk ook de opvoeding) is men geneigd een typisch vrouwelijke en typisch mannelijke manier van rouwen te hebben. Actief en passief. Allebei is goed, tot op zekere hoogte. Het zou het beste zijn, als mannen wat meer hun verdriet zouden uiten en als vrouwen wat meer activiteit zouden ontwikkelen: wandelen en naar buiten toe.

Nu zie je vaak dat vrouwen het verlies beter verwerken (tranen) en mannen de klap krijgen bij hun pensionering. Dus het gaat ook hier weer om beide polen (tranen en activiteit).